5. Vooraftrek van belasting

De Wet OB geeft een beperkte mogelijkheid om betaalde omzetbelasting te verrekenen met te betalen omzetbelasting. Deze vooraftrek is geregeld in artikel 12 lid 1 OB en geldt enkel voor de fabrikanten van in Suriname geproduceerde goederen. Vooraftrek is dus niet mogelijk door dienstverleners.

In vooraftrek kan worden gebracht de omzetbelasting die is  betaald voor  belaste  diensten  of belaste goederen als machines, grondstoffen, hulpstoffen of halffabricaten, en welke rechtstreeks worden gebruikt voor het voortbrengen van belaste goederen.

Er moet dus sprake zijn van omzetbelasting die is betaald aan andere lokale fabrikanten of bij invoer en er moet een duidelijk, direct verband bestaan tussen de geproduceerde goederen en de goederen of diensten waarvan de omzetbelasting in vooraftrek zal worden gebracht. Het begrip ‘rechtstreeks’ moet volgens de memorie van toelichting zeer strikt worden uitgelegd.

De toegepaste aftrek moet worden onderbouwd middels overlegging van facturen waarop de omzetbelasting en de geleverde goederen of diensten staan gespecificeerd. Bij invoer moeten afschriften van de invoerdocumenten worden overgelegd. De wet stelt overigens niet de eis dat deze onderbouwing reeds bij de aangifte moet worden verstrekt. Op het aangiftebiljet voor de levering van goederen en diensten staat echter wel dat de opgebrachte  voorbelasting  moet worden onderbouwd  met  specificaties.  De Inspecteur mag een aangifte zonder deze specificatie in principe niet weigeren; hij kan echter wel weigeren de voorbelasting toe te staan indien hij twijfelt aan de juistheid en rechtmatigheid van de aftrek. Zijn twijfel moet uiteraard op redelijke argumenten  zijn gebaseerd.

Comments are closed