6. Een onafhankelijke rechtsinstantie

Uiteraard kan het voorkomen dat een belastingplichtige het niet eens is met de door de Inspecteur vastgestelde hoogte van de belastingschuld. In dat geval kan die belastingplichtige tegen de aanslag een bezwaarschrift indienen. Dit bezwaar moet worden aangetekend bij de Inspecteur. Indien het bezwaar niet of niet geheel wordt gehonoreerd, heeft de belastingplichtige daarna de mogelijkheid om tegen de uitspraak op het bezwaar beroep aan te tekenen. Voor de omzetbelasting moet dit beroep worden aangetekend bij de Raad van Beroep.

Formeel bestaan er twee raden, namelijk een Raad voor de directe belastingen en een Raad voor de indirecte belastingen (invoerrechten en accijnzen). Hoewel de zittingen niet openbaar zijn en de uitspraken in principe geen jurisprudentie vormen, geven uitspraken van de Raad wel een houvast voor en richting aan de toepassing van rechtsregels door de belastingdienst.

Helaas wordt de bedoeling van de wetgever om de burger rechtsbescherming te bieden in de praktijk niet waargemaakt. De Raad van Beroep functioneert in Suriname jarenlang niet door het overlijden van leden en het uitblijven van nieuwe benoemingen. Hierdoor werden beroepschriften niet behandeld. Dit raakt vooral de belasting­plichtige die, door het uitblijven van behandeling van zijn beroepszaak, verstoken wordt van een essentieel grondwettelijk recht, namelijk het recht om zich te verdedigen tegen onrechtmatig overheids­handelen. In 2009 werd eindelijk een nieuwe Raad van Beroep voor de indirecte belastingen geïnstalleerd. De benoeming van een Raad voor directe belastingen, waaronder de Omzetbelasting en Inkomstenbelasting vallen, laat helaas nog op zich wachten. Het is niet te verwachten dat daarin op korte termijn verandering komt.

Veel belastingbetalers ervaren het gemis aan een beroepsinstantie wellicht als een bevestiging dat de fiscus niet eerlijk opereert en zien daarin een ‘rechtvaardiging’ om belasting te vermijden en zelfs te ontduiken. Het is een feit dat de non-compliance in Suriname vrij groot is. Dit is uiteraard een ongewenste situatie.

Het is voorgekomen dat burgers, bij gebrek aan een functionerende Raad van Beroep, voor rechtsbescherming naar de burgerlijke rechter stapten indien hun bezwaarschrift ten onrechte was afgewezen. Echter mag de burgerlijke rechter de uitspraak van de Inspecteur niet inhoudelijk beoordelen omdat daarvoor de formele rechtsgang van beroep bestaat. Wel mag de burgerlijke rechter een oordeel uitspreken indien de belastingplichtige stelt dat de Inspecteur bij het nemen van zijn beslissing beginselen van behoorlijk bestuur heeft overtreden. De gang naar de burgerlijke rechter is uit oogpunt van rechtsbescherming niet ideaal. Bovendien is bekend dat de rechtelijke macht nog steeds onderbezet is en civiele rechtszaken daardoor zeer lang kunnen duren.

De Raad van Beroep is een beter alternatief, maar niet het beste. Dit omdat de Raad niet onafhankelijk is van de administratie, waardoor de burger geen optimale rechtsbescherming krijgt. De leden van de Raad worden immers benoemd door de regering, voorheen op voordracht van de directeur der belastingen en vaak waren deze leden gepensioneerde ambtenaren, van wie verwacht kan worden dat zij uit loyaliteit meer oog voor de belangen van de fiscus zullen hebben dan van de burger.

Een optimale rechtsbescherming zoals aangeduid in de grondwet, is wel te bereiken door een onafhankelijke rechtelijke instantie te creëren. Dit zou dan een aparte kamer kunnen zijn van het kantongerecht. Ter vergelijking: in een land als Nederland kan een burger met zijn beroep bij twee feitelijke rechters terecht (de Rechtbank en daarna het Gerechtshof), en bovendien ook nog bij de Hoge Raad. Met de toekomstige economische groei van Suriname en de te verwachtte ontwikkelingen die horen bij de 21e eeuw, is het ons inziens noodzakelijk dat er een rechtelijke instantie komt die zich kan buigen over het recht spreken in belastingrecht, jaarrekeningenrecht, faillissementsrecht en andere financieel gerelateerde rechtsgebieden.

Een goed werkende, onafhankelijke rechtelijke instantie zal bovendien de onwillige belastingbetaler over de streep kunnen trekken, met een toename van de compliance en de belastingopbrengsten als gevolg.

 

 

 

 

Naslag:

Artikel in het Surinaams Juristenblad van 2004, no. 1: De rechtsbescherming van de burger tegen de fiscus, van M. R. Persad

Hoofdlijnen Surinaams belastingrecht (2017), M.R. Persad (par. 3.7.3).

Comments are closed