SB 2023 no. 8 – art. 5,2 Wet BTW

.

BESCHIKKING van de minister van Financiën en Planning van 3 januari 2023, La.F.no. 22 houdende nadere voorwaarden en voorzieningen inzake artikel 5 lid 2 van de Wet Belasting over de Toegevoegde Waarde (Beschikking voorwaarden en voorzieningen artikel 5 lid2 Wet BTW).

DE MINISTER VAN FINANCIËN EN PLANNING,

GEHOORD:

de directeur der Belastingen,

GELET OP:

Artikel 5 lid 2 van de Wet Belasting over de Toegevoegde Waarde (S.B. 2022 no. 121,verbeterblad S.B. 2022 no. 143, zoals laatstelijk gewijzigd bij S.B.2022 no,148).

OVERWEGENDE:

  1. dat ambassades, consulaten of gezantschappen aanspraak maken op de vrijstelling als bedoeld in artikel 5 lid 2 a van de Wet Belasting over de Toegevoegde Waarde;
  2. dat de vrijstelling als bedoeld in artikel 5 lid 2 a van de Wet Belasting over de Toegevoegde Waarde geschiedt op basis van wederkerigheid;
  3. dat tevens vrijstelling als bedoeld in artikel 5 lid 2b van de Wet Belasting over de Toegevoegde Waarde, wordt verleend indien de internationale betrekkingen zulks wenselijk maken;
  4. dat ter uitvoering van artikel 5 lid 2 van de Wet Belasting over de Toegevoegde Waarde het nodig is nadere voorwaarden en voorzieningen vast te stellen;

HEEFT BESLOTEN:

  1. Op grond van artikel 5 lid 2 van de Wet Belasting over de Toegevoegde Waarde (S.B. 2022 no. 121)) vrijstelling van belasting te verlenen aan ambassades, consulaten of gezantschappen in het kader van de uitvoering van haar werkzaamheden in Suriname.
  2. Te bepalen dat:

  1. alle verzoekschriften voor het in aanmerking komen van vrijstellingen op grond van artikel 5, lid 2 van de Wet BTW dienen te worden gericht aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking, die op basis van de toetsing van de wederkerigheid, deze doorstuurt naar de Minister van Financiën en Planning;
  2. de Minister van Financiën en Planning goedkeuring verleend, via bij dezer beschikking mandaat verleend aan de directeur der Belastingen, voor het verstrekken van een “vrijstellingsbeschikking” voor de duur van 3 (drie) jaar aan het hoofd van de ambassade, consulaat, gezantschap of aanvrager van het verzoek van de internationale organisatie.
  3. bij de aankoop of besteding van goederen en diensten van SRD 10.000 of meer door een ambassade, consulaat of gezantschap of een vertegenwoordiger bij internationale betrekkingen aan wie een vrijstellingsbeschikking als bedoeld onder 2 is verleend, en die de goederen en diensten gebruikt ten behoeve van de activiteiten die bovengenoemde plegen te
    verrichten, een kopie, voorzien van een contraseign van een bevoegde functionaris, dient te worden verstrekt aan de leverancier van de goederen of dienstverlener die deze in de administratie van zijn onderneming dient toe te voegen en te bewaren;
  4. door ambassades, gezantschappen of consulaten en internationale organisaties in de eerste week na elk kwartaal steeds van alle aankopen en betalingen van geleverde goederen en verrichte diensten, die middels deze vrijstelling zijn gedaan, een gespecificeerd overzicht moet worden opgestuurd naar de Inspectie Omzetbelasting;
  5. door ondernemers in Suriname bij de levering van goederen en het verrichten van diensten, die middels deze beschikking worden gedaan, geen belasting aan deze belanghebbenden in rekening mogen brengen indien de vergoeding voor de aan deze belanghebbende verrichte levering van goederen of diensten SRD 10.000 of meer bedraagt;
  6. dat de ondernemers die deze vrijgestelde goederen leveren of diensten verrichten, gehouden zijn de toepassing van deze vrijstelling expliciet te vermelden op de facturen;
  7. dat als de verrichte levering van goederen en diensten zonder toepassing van deze beschikking belast zou zijn geweest, de toepassing van de vrijstelling in deze beschikking geen invloed heeft op het recht op aftrek van de ondernemers die de hier bedoelde levering van goederen of diensten verrichten, met dien verstande dat zij recht op aftrek behouden van de belasting die zij hebben betaald op goederen en diensten die direct of indirect zijn gebruikt voor het verrichten van de levering van goederen en diensten onder deze beschikking.
  8. dat van de vrijstelling als bedoeld in deze beschikking is uitgesloten voor:
  1. levensmiddelen, drank en tabakswaren;
  2. goederen en diensten  die worden gebruikt    voor     het verstrekken van relatiegeschenken en andere giften;
  3. goederen en diensten  die worden gebruikt voor het verstrekken van loon in   natura en  tot ontspanning;
  4. goederen en diensten die worden geschonken, uitgeleend, verhuurd, geleverd, of anderszins voor niet-officiële of commerciële doeleinden worden gebruikt.

III. Dat deze beschikking in het Staatsblad van de Republiek Suriname wordt bekendgemaakt;

IV. Afschrift van deze beschikking te zenden aan de minister van Financiën en Penning, Rekenkamer van Suriname, de directeur der Belastingen, de inspecteur der Directe Belastingen, de inspecteur Omzet Belasting, de ontvanger der Directe Belastingen, Afdeling Fiscale Zaken Indirecte Belastingen en het Ministerie van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking.

Paramaribo, de 3e januari 2023,

KERMECHEND RAGHOEBARSING

Uitgegeven te Paramaribo, de 9e januari 2023.
De Minister Binnenlandse Zaken,

BRONTO S.G. SOMOHARDJO.